Vrijwilligerswerk op Stadsboerderij Osdorp: een win-win 

13-03-2021. Door: Alexandra Klein.  

Het is net even droog als ik mijn fiets voor Stadsboerderij Osdorp parkeer. Ik loop naar de ingang, maar het hek zit op slot. Terwijl ik een rondje om de boerderij loop, probeer ik de aandacht van enkele vrijwilligers te trekken die buiten hard aan het werk zijn. Even later doet Lulu (24) het hek voor mij open. Het is haar eerste keer bij Serve The City en ze is samen met een vriendin, Mathilde (24), gekomen. Samen schrobben ze de houten stelen schoon van harken, scheppen en hooivorken. Daarna gaat er een nieuwe laklaag overheen. “We kenden deze boerderij nog helemaal niet”, vertelt Mathilde. “Voor corona gingen we altijd samen naar andere kinderboerderijen, bijvoorbeeld die in het Amsterdamse Bos. Nu kan dat niet meer, dus doen we hier vrijwilligerswerk”. Ondertussen boent ze de modder van een hark af met een grote borstel. Het water in de teil is inmiddels inktzwart geworden. “Plekken zoals deze hebben vrijwilligers nodig om te kunnen overleven en het zou jammer zijn als ze moeten sluiten omdat er niet genoeg mensen zijn die helpen”, legt Mathilde uit. En dat is ook precies de reden voor hun komst vandaag.  “Hopelijk halen we op deze manier een last van de schouders van de mensen die hier werken.”  

Terwijl ik mijn weg over de boerderij vervolg, valt het mij op dat er nergens een dier te bekennen is. Er staan drie gebouwtjes op het terrein en er zijn verschillende moestuinen, maar nergens zijn geiten, kippen, varkens of andere dieren die je op een boerderij verwacht, te vinden. Gelukkig kan Eva, 52 jaar en een vaste vrijwilliger bij de boerderij zelf, mij uitleggen hoe dat komt. “De Stadsboerderij bestaat in deze vorm zo’n vijf jaar”, vertelt ze. “Daarvoor was het een gewone kinderboerderij. Op een gegeven moment wilde de gemeente dat deze plek een grotere rol in de sociale cohesie van de wijk ging vervullen. Er kwam een open inschrijving: bewoners uit de omgeving mochten ideeën opsturen waarin ze beschreven wat er volgens hen met de boerderij moest gebeuren. Martin Ten Brinke (de huidige ‘baas’ van de boerderij) heeft toen gewonnen. Zijn plan is uitgevoerd.”  

Maar wat houdt dit plan precies in? De Stadsboerderij wordt op dit moment voor allerlei sociale doeleinden gebruikt: er worden workshops gegeven aan kinderen en volwassenen over het verbouwen van groenten en over het omgaan met de natuur, er wordt mindfulness en yoga beoefend, de groenten die verbouwd worden, worden verkocht aan mensen in de buurt, er is een buurtkeuken waarin gekookt wordt voor en door mensen uit de wijk en er is een speciaal educatief programma voor basisscholen. Twee van de gebouwtjes op het terrein worden verhuurd, op deze manier worden er wat inkomsten gegenereerd. Verder is alles op vrijwillige basis. Het derde gebouwtje wordt bezet door Peter. Hij gebruikt afval om nieuwe creaties te maken. En de dieren? “We hebben nu alleen nog maar kippen”, legt Eva uit. “Vorig jaar hadden we nog wat konijnen en geiten, maar dat werkte toch niet zo goed. Je moet dan hele gespecialiseerde mensen hebben die voor die dieren kunnen zorgen. Bovendien begonnen de dieren elkaar een beetje te pesten, ze waren niet zo blij.”  

Eva zelf werkt bij Cityplot, een stadsboerencollectief, en geeft moestuinierles aan kinderen op scholen. Ze legt op die scholen ook moestuinen aan. Het werk op de Stadsboerderij doet ze ernaast als vrijwilligerswerk. Ze is niet de enige die haar werkzaamheden op deze manier combineert. Suzanne, 55 jaar en tevens een vaste vrijwilliger op de boerderij, werkt ook bij Cityplot. Ze werkt al negen jaar in allerlei verschillende soorten stadstuinen in Amsterdam. Sinds twee jaar is ze drie keer per week werkzaam op de Stadsboerderij Osdorp. Als hoofd van de moestuin verbouwt ze samen met andere vrijwilligers allerlei groenten. Deze groenten worden gebruikt door de koks in de buurtkeuken en worden verkocht via de FoodCoop. Als lid van deze coöperatie draag je bij aan het runnen ervan en kun je voor een betaalbare prijs groenten uit de moestuin kopen.   

Suzanne loopt met straffe pas door de boerderij en vertelt elke vrijwilliger wat hij/zij moet doen. Even uitpuffen zit er voor hen niet bij. Ze herinnert iedereen er aan dat de pauze pas om één uur is. Voor die tijd dient er hard gewerkt te worden. Terwijl ze verwoed een hooivork in de composthoop steekt, vraag ik haar of ik wat vragen mag stellen. Dat mag, maar op voorwaarde dat ze door kan werken. Zo gezegd, zo gedaan. Terwijl ik met mijn opnameapparaat met haar meeloop van composthoop naar kruiwagen en weer terug, vertelt ze waarom de boerderij volgens haar zo belangrijk is. “Ik heb het gevoel dat mensen het contact met de natuur zijn verloren. We zijn ver weg geraakt van onze oorsprong en zijn minder verbonden met de aarde. Iedereen gaat maar studeren en werken: ze zijn niet meer één met het land. Er komen hier soms mensen die aan de universiteit hebben gestudeerd, maar het verschil niet weten tussen een ui en kool. Men heeft slechts een oppervlakkige kennis van waar hun voedsel vandaan komt. Ze weten dat het van een boerderij komt, maar ze weten niet welke processen er nou echt aan ten grondslag liggen. Zelf heb ik veel zorgen over het milieu, want landbouw is één van de vernietigendste praktijken voor de natuur vandaag de dag. Landbouw levert dan ook een grote bijdrage aan klimaatverandering. Daarom moeten we leren om voedsel op een andere manier te verbouwen. Dat moeten we leren in de praktijk, er op een theoretische manier over leren is niet genoeg. Hier op de boerderij leren mensen hoe je voedsel kunt verbouwen op een manier die in harmonie is met de natuur. Door individuen dit aan te leren, kun je het grote systeem veranderen.” Volgens Suzanne raken veel van de vrijwilligers met de tijd steeds meer betrokken bij de boerderij en hechten ze steeds meer waarde aan biologisch voedsel. Hun koopgewoonten veranderen zelfs. “Ze realiseren zich dan dat biologisch voedsel niet duurder is omdat het beter is voor je eigen lichaam, maar omdat het beter is voor de aarde.” 

Suzanne en Eva hebben allebei een artistieke achtergrond. Suzanne was grafisch ontwerper en Eva werkte onder andere in de mode– en filmindustrie. “Veel mensen die van oorsprong werkzaam waren in de artistieke wereld houden zich nu bezig met permacultuur. Permacultuur is namelijk ook een ontwerpsysteem. Het heeft te maken met oplossingsgericht denken en dat komt overeen met de artistieke denkwijze. Er zijn ook veel voormalige architecten die zich bezighouden met permacultuur”, legt Suzanne uit. Volgens Eva is tuinieren ook een creatief proces, net als het ontwerpen van bijvoorbeeld kleding. “Als je iets maakt, kijk je heel erg naar wat er gebeurt. Je leeft dan in het moment. Dat is die flow waar iedereen het altijd over heeft. Dat vindt je ook in tuinieren.” 

Verderop verzorgt Phanos (30 jaar en vrijwilliger voor Serve The City) enkele planten. De goedlachse Griek uit Cyprus vertelt dat hij blij is een excuus te hebben om zijn huis uit te kunnen. Het is ook zijn eerste keer bij Serve The City. Hij vindt de sfeer bij de boerderij erg gezellig: een echt community gevoel. Houdt hij zich veel bezig met het milieu? Niet echt, hij werkt als ingenieur bij Shell. Wel is hij laatst overgestapt van de olie en gas divisie naar windenergie. “Ik kijk liever naar de toekomst dan naar het verleden.”  

Ondertussen komt de regen met bakken uit de lucht vallen en schuilen de vrijwilligers, onder het genot van een kopje koffie en een plak ontbijtkoek, onder een afdakje. Daar spreek ik Priyanka (30) en Sarah (29). Priyanka heeft al vaker voor Serve The City gewerkt, voor Sarah is het de eerste keer. Ze laten weten het concept van Serve The City erg prettig te vinden: heel flexibel en laagdrempelig. Het is iets wat ik al meerdere vrijwilligers heb horen zeggen vandaag. Vanwege corona zijn veel projecten de laatste tijd individueel, zelf thuis pannenkoeken bakken voor daklozen bijvoorbeeld. Priyanka is blij dat ze nu voor het eerst mee kan doen met een teamactiviteit. “Ik voel me er beter door en ik kan nieuwe mensen ontmoeten.” Ze had stiekem gehoopt wat dieren te zien vandaag, maar heeft het alsnog naar haar zin. “Ik raak ontspannen van in de natuur zijn en ik kan dan mijn hoofd leegmaken. Het is heel therapeutisch. Vroeger gingen mijn reizen vaak om het zien van musea, monumenten en uitgaan. Nu staan hiken en in de natuur zijn centraal.” 

Het einde van mijn ochtend op de boerderij loopt ten einde. Het is me opgevallen dat er zoveel jonge en internationale mensen werken voor Serve The City. Ik heb mensen uit Frankrijk, Griekenland, India en Nederland gesproken. De meesten jonger dan dertig. Het zijn voornamelijk expats. Sommigen zijn hier pas sinds kort en hebben Nederland alleen in lockdown meegemaakt. Voor hen is het een uitdaging om nieuwe mensen te leren kennen en een netwerk op te bouwen. Hier is een belangrijke rol weggelegd voor Serve The City. Via het vrijwilligerswerk ontmoeten ze gelijkgestemden. Velen wisselen telefoonnummers uit. Op deze manier halen beide partijen veel uit het vrijwilligerswerk: de boerderij heeft meer helpende handen en een kans op het onderwijzen van jongvolwassenen, de vrijwilligers hebben een ontspannende dag in het groen en maken nieuwe vrienden. Een win-win! 

Serve The City doet elke maand vrijwilligerswerk in de Stadsboerderij Osdorp. Wil jij ook vrijwilliger worden bij Serve The City óf vaste vrijwilliger worden bij de Stadsboerderij zelf? Kijk dan op www.stcamsterdam.nl of op www.stadsboerderijosdorp.nl 

 

By continuing to use the site, you agree to the use of cookies. more information

The cookie settings on this website are set to "allow cookies" to give you the best browsing experience possible. If you continue to use this website without changing your cookie settings or you click "Accept" below then you are consenting to this.

Close